Uitspraken rechter

Helaas toont onderstaande uitspraak van het Gerechtshof ’s-Gravenhage aan dat het toch mis kan gaan.
 
Medewerker Brink's overvallen bij geldautomaat - Gerechtshof ’s-Gravenhage 231205/JAR0647 -
 
Het slachtoffer van dit bedrijfsongeval betrof een medewerker “ATM Serving” ( ATM staat voor: automatic tellermachines, ofwel geldautomaten) van Brink’s Nederland BV. Zijn werk hield (onder meer) in dat hij geldautomaten, die niet aan een bankkantoor verbonden zijn, moest bijvullen. Op 16 oktober 2001 rond 13.00 uur ging de werknemer met zijn collega naar de geldautomaat van ABN-AMRO te Schiedam om deze bij te vullen met geld dat tevoren door een geldtransport in een overslagkluis was gedaan. De geldautomaat bevindt zich in een wand van een gebouw met aan weerszijden winkels. Achter de wand waarin de geldautomaat is aangebracht, bevindt zich de serviceruimte waarin de automaat wordt bijgevuld. Het geheel bevindt zich in een uitbouw zonder verdieping. Boven de serviceruimte is een plat dak. De serviceruimte is alleen te betreden door een veiligheidsdeur, waardoor slechts één persoon tegelijkertijd in of uit kan gaan. Omdat er problemen waren met de software is het de werknemer en zijn collega niet gelukt de automaat bij te vullen en hebben zij besloten te stoppen. De collega ging eerst de deur uit. Op het moment dat hij de deur uit was, ging het dak van de ruimte open en stak iemand een arm naar binnen met een pistool en richtte dat op de werknemer. Deze persoon eiste geld. De werknemer is toen door die persoon beschoten, onder meer in zijn arm. De kogels zijn operatief verwijderd. Er zijn spieren uit het rechterbeen van het slachtoffer verwijderd ten behoeve van de linkerarm. Na de overval is gebleken dat onbekenden erin geslaagd waren om een gat te zagen in de dakbedekking van het dak boven de serviceruimte. De werknemer heeft de werkgever voor zijn schade aansprakelijk gesteld. Brink’s heeft aangevoerd dat hij alles heeft gedaan wat hij kon doen. De kantonrechter heeft de vordering van de werknemer toegewezen. Op het hoger beroep van Brink’s overweegt het hof dat de werkgever, gelet op het grote risico dat een geldautomaat doelwit is van een (gewapende ) overval, voordat hij het contract met ABN AMRO aanging, had moeten controleren of de serviceruimte en de geldautomaat voldoende beveiligd waren, waarbij van belang is dat de geldautomaat zich niet in een bankgebouw bevindt en de bemoeienis van ABN AMRO ermee dus beperkt is. Bij een juiste controle had naar het oordeel van het hof opgemerkt moeten worden dat het dak een zwakke plek was. Van Brink’s had verwacht mogen worden dat hij onderzoek had gepleegd naar de constructie en het materiaal van het plafond en dak in verband met de vraag of via die weg gemakkelijk toegang kon worden verkregen tot de service-ruimte. Dan zou zijn vastgesteld dat sprake was van een houten dak. Brink’s had dan de keus gehad om te besluiten geen overeenkomst aan te gaan met ANB AMRO of nadere eisen ten aanzien van de construcie/materiaal van het plafond/dak te stellen. Brink’s had er niet op mogen vertrouwen dat de sociale controle zou voorkomen dat er een gat in het dak werd gemaakt. Ook het hof concludeert daarom dat Brink’s is tekortgeschoten in zijn zorgplicht jegens de werknemer en de schade van de werknemer moet vergoeden.
 
Terug naar agressie